Dossiers


Dossiers

Burgerservicenummers te grabbel
Iedere BTW-plichtige onderneming die wordt ingeschreven krijgt van de belastingdienst een omzetbelastingnummer, oftewel BTW-nummer. Voor BV’s, stichtingen, verenigingen, de v.o.f. en de maatschap is dit een uniek nummer, dat uitsluitend voor de belastingdienst van belang is. Bij eenmanszaken daarentegen is dit het burgerservicenummer van de ondernemer, met daarachter de letter B en nog een tweecijferig getal: meestal 01. Oftewel: uit het BTW-nummer van een eenmanszaak kun je zonder enig probleem het burgerservicenummer van de betreffende ondernemer afleiden. En dit BTW-nummer hoort bovendien door de betreffende ondernemer op al zijn/haar facturen vermeld te worden.
Is daar iets mis mee, kun je je afvragen? Jazeker, daar is wel degelijk iets mis mee. Het is immers een koud kunstje om, via de Kamer van Koophandel, nog veel meer gegevens te weten te komen van een ondernemer: privé-adres, geboortedatum, geboorteplaats, het is allemaal openbaar en ligt dus voor het oprapen.
De optelsom van al die gegevens maakt het echter wel heel erg gemakkelijk voor lieden met slechte bedoelingen om daar misbruik van te maken, misschien niet eens zo zeer bij de belastingdienst maar wel bij allerlei andere instanties.
In de Tweede Kamer is dit onderwerp aan de orde gekomen op 3 december 2013 (motie 33 750 VII nr. 23, ingediend door kamerleden Astrid Oosenbrug (PvdA)  en Roald van der Linde (VVD). Hoewel de motie werd aangenomen heeft staatssecretaris Weekers van Financiën (VVD) er verder geen werk meer van kunnen maken. Want op 30 januari 2014 is hij afgetreden, overigens vanwege een geheel andere kwestie.
Weekers had weliswaar toegezegd de gevolgen te zullen laten onderzoeken, maar bij voorbaat al laten doorschemeren dat “hem geen signalen bekend zijn van omvangrijk oneigenlijk gebruik van BSN-nummers die uit BTW-nummers van eenmanszaken zijn afgeleid.”
Het wachten was volgens hem dus kennelijk op misbruik van grote omvang, voordat hij hierin verandering zou brengen. Maar totdat het zover gekomen is laat hij de individuele slachtoffers van alle hierdoor o zo eenvoudig te plegen misbruik en fraude wel mooi met de gebakken peren zitten.

Onze hoop was dus gevestigd op zijn opvolger Eric Wiebes (VVD), maar ook die heeft (in een brief aan de Tweede Kamer d.d. 9 juli 2004) besloten dat “uitvoering van deze motie geen begaanbare weg” is. Ook hij meent dat de kans op identiteitsfraude “niet zodanig groot is dat deze een algemene wijziging met betrekking tot het btw-nummer rechtvaardigt.” Verder betoogt hij, in uiterst wollige taal, dat de geautomatiseerde processen bij de belastingdienst de invoering van een apart btw-nummer naast het burgerservicenummer voor één en dezelfde persoon niet aan zouden kunnen.
Wij vinden het vooral jammer dat deze kwestie, die in onze ogen zowel principieel als in de praktijk van belang is, op deze ongeïnteresseerde manier door de staatssecretaris wordt afgedaan.
(19-08-2014)